Barboék, Leuven
donderdag 25 januari 2018

 

door Bart Van der Straeten


Geachte aanwezigen,

Het is 25 januari 2018 en er is goed nieuws. ‘De teller van onze Geluksbarometer staat maar liefst op 26.000 deelnemers. We waren overweldigd door de enorme persaandacht en buzz op sociale media. Een mailbox om u tegen te zeggen terwijl de telefoon roodgloeiend staat.’

Aan het woord zijn Isabelle en Greet. Greet is ‘positiviteitsconsulente’ en ‘draait al 20 jaar mee in de training, consultant en coachingwereld.’ Haar motto luidt: ‘Everything will be okay in the end and if it’s not okay it’s not the end.’ Isabelle op haar beurt heeft ‘een brede werkervaring’. Ze gelooft dat “‘taking the challenge’ en ‘look at the bright side’ bijdragen tot ons algemeen welzijn”. Greet is mama van ‘twee meisjes’ (Sarah en Pauline), Isabelle ‘van 2 fantastische kids’ (David en Jasmine).

‘De mens heeft van nature een vrij negatieve standaardinstelling’, weet Greet. Isabelle en zijzelf ‘zijn ervan overtuigd dat [z]e dat met een actie van dertig dagen kunnen veranderen in een meer positieve instelling’. De actie, ‘Dertig dagen zonder klagen’, is nu elf dagen ver, de mailbox is inmiddels ‘om u tegen te zeggen’.

We kunnen veel denken en zeggen over Isabelle en Greet, maar niet dat ze bij de pakken blijven zitten. Zij weten hoe het moet: je benoemt het probleem, je ontwerpt een stappenplan van eenvoudige handelingen, je kiest een handvol ambassadeurs, vraagt aan iedereen om mee te doen en voor je het weet staan we met z'n allen vele stappen dichter bij de ideale wereld. Positieve vibes alom, Geluksbarometer op tilt.

We kunnen veel denken en zeggen over Isabelle en Greet, dames en heren, maar Isabelle en Greet zitten vandaag in elk van ons. Ze zijn de exponenten van een logica die zo algemeen is geworden dat ze ons denken en handelen monopoliseert. Een logica die problemen en behoeftes benoemt, maar ze zo ook creëert. Een logica die processen installeert waarmee dat probleem opgelost kan worden, die behoefte ingevuld. Een logica die ons doet geloven dat de complexe werkelijkheid remedieerbaar is met een eenvoudig, mechanistisch stappenplan. We kunnen iets bereiken, als we de juiste weg maar volgen – een weg die we zelf lijken te kunnen kiezen, maar die ons opgedrongen wordt.

Deze logica, betoog ik hier, is het onderwerp van Paul Bogaerts poëzie. Vanaf zijn debuut Welcome hygiene, nu eenentwintig jaar oud en dus al even meerderjarig, over Circulaire systemen, AUB, de Slalom Soft en Ons verlangen, legt Bogaert bloot hoezeer wij opgesloten zitten in processen die ons de illusie van controle geven, maar die in feite ons controleren. In de negen afdelingen van zijn nieuwe, zesde bundel Zo kan het niet langer stelt hij scherp op vluchtroutes voor de moderne mens. Het meest in het oog springt de 'bierfiets', de tweede afdeling van de bundel. Een ontspanningsmachine, een simulacrum van leutigheid waarin de feestende vrienden proberen te 'ontsnappen aan een mat, tam en voorspelbaar leven'. Maar echt ontspannen doen ze niet, ze vallen ten prooi aan – ik citeer – 'het geweld van de kwinkslag', ze voelen 'de druk van de volgende bak'. De bierfiets lijkt, als product van een dolgedraaide amusementsindustrie, een nieuw probleem te creëren ('u hebt behoefte aan ontspanning!') door het te remediëren ('dit product is er voor u'!). Ook op de bierfiets bevinden we ons nog in de logica waarvan we juist weg willen vluchten. De trappende vrienden klinken niet alsof ze zelf echt pret beleven, maar echoën de voorgekauwde lolligheid van de 'barbecuevrienden in de radioreclame'.

Zouden we dan ten minste in de taal veilig zijn? Ook dat is erg betwistbaar. Met vileine humor toont Bogaert aan dat we weinig kunnen zeggen dat niet op een of andere manier geënsceneerd of geframed wordt. Ook onze uitspraken zijn simulacra, lege kopieën van wat elders gezegd wordt op de markt van het woord, in de media, in lezersreacties, in de workshops, kringgesprekken en cursussen die we allemaal zo graag volgen om onszelf en de wereld beter te maken. 'Wie spreekt, raakt verstrikt.', dicht hij in zijn nieuwe bundel. Op zoek naar betekenis herhalen we voorgekauwde uitdrukkingen, we praten het taalaanbod na, nemen het over, versterken het zo, vinden ook daar niet de vrijheid of de mogelijkheid om te zeggen wat we eigenlijk zouden willen zeggen.

Dat is nu precies wat Paul Bogaert doet in zijn poëzie: zijn vrijheid claimen. Als een sinister acrobaat aan de 'trapeze van de retoriek' zet hij de markt van het woord vrolijk op stelten. Hij dissecteert de gezegdes en uitdrukkingen die we rond ons horen, de monopolistische marktspraak die ons expressievermogen stuurt. Hij toont de spieren en de botten van woorden en zinnen, verbindt hun zenuwen op onvoorziene wijze met elkaar tot ze weer gaan sidderen van levenskracht, tot ze hun absurde, vervreemdende of komische potentieel bereiken. Hij infecteert ze subtiel met algoritmes van ontregeling, waardoor er in de taal iets bloot komt te liggen dat anders bedekt blijft, een wormgat waardoor, dan tóch, een ontsnapping mogelijk zou kunnen zijn.  Neem de 'werptent' die Bogaert beschrijft in het gedicht '26 JAAR'. Ze bestaat uit 'intelligent zelfademend weefsel (100% synthese)' en heeft 'buigzame ribben' die 'passen in een lichte draagtas' – en zo gaat dit handige wegwerpproduct verdacht veel op onszelf lijken.

‘We moeten het ergste vrezen. / We moeten het beste hopen. / Laten we beide versies proberen’, dicht Bogaert in de reeks met de titel 'Cadavres'. Zo toont deze dichter hoe de mens, die toch, zoals Greet al wist, 'van nature een vrij negatieve standaardinstelling' heeft, zich alsnog staande kan houden. Zijn er geen vluchtroutes mogelijk buiten de verstikkende logica van het systeem, gebruik dan de grammatica, de taal van het systeem, om zelf een vluchtroute te construeren. Want dat het zo niet langer kan, mag intussen wel duidelijk zijn. Daarom wens ik Paul Bogaert en Uitgeverij Polis 'enorme persaandacht' toe en 'buzz op sociale media', een telefoon 'die roodgloeiend staat' en 'een mailbox om u tegen te zeggen'. En Isabelle en Greet over negentien dagen een exploderende Geluksbarometer – en een succesvolle 'ludieke campagne'. Zoals zij het zelf zeggen:
'We hope you will enjoy'.